|
|
TITEL VII. - Vervoersovereenkomst |
Art 38
§ 1. De bepalingen van artikel 1, punten 2 en 3 alsook van de artikelen 2 tot 41 van het Verdrag betreffende de overeenkomst tot internationaal vervoer van goederen over de weg, afgekort CMR-Verdrag, ondertekend te Genève op 19 mei 1956 en goedgekeurd door de wet van 4 september 1962, alsook de bepalingen van het Protocol bij het bovengenoemde verdrag, ondertekend te Genève op 5 juli 1978 en goedgekeurd door de wet van 25 april 1983, zijn van toepassing op het nationaal vervoer van zaken over de weg.
[In afwijking van de bepalingen van het eerste lid, kan de Koning beslissen dat artikel 6 van bovengenoemd CMR-Verdrag niet van toepassing is op de nationale transporten van zaken over de weg die hij bepaalt.] (toegevoegd Wet 24-03-2003 BS. 08-4-2003)
§ 2. De artikelen 1 tot 7 en 9 van de wet van 25 augustus 1891 houdende herziening van de titel van het wetboek van koophandel betreffende de vervoersovereenkomsten zijn niet van toepassing op het vervoer van zaken over de weg.
§ 3. De bepalingen van de §§ 1 en 2 zijn niet van toepassing op :
1° postvervoer verricht in het kader van een openbare dienst;
2° begrafenisvervoer;
3° verhuizingen.
§ 4. De regresvorderingen ontstaan uit de overeenkomst tot vervoer van goederen over de weg moeten, op straffe van verval, worden ingesteld binnen een termijn van een maand te rekenen vanaf de dagvaarding die aanleiding geeft tot recht van regres.
§ 5. Voor de toepassing van deze titel, wordt de vervoerscommissionair gelijkgesteld met een vervoerder, wat zijn contractuele verplichtingen en verantwoordelijkheden betreft..
|
|||||
|
|
|