Zakenvervoer

03 MEI 1999. - Wet betreffende het vervoer van zaken over de weg.

TITEL VI. - Sancties 

Hoofdstuk I
Maatregelen van ambtswege zonder geldige verguning
ophouden - overladen enz.
Inbeslagname vergunning of document
Art 30
Art 31
Hoofdstuk II
Inning en consignatie van een som
Overtreder is woonachtig in België
Overtreder is NIET wooachtig in België procedure

De Koning bepaalt de bedragen

Art 32
Art 33

Art 34

Hoofdstuk III Strafbepalingen
Gevangenisstraf en/of geldboete
verbeurdverklaring

Wat is strafbaar

Worden eveneens gestraft:
De opdrachtgever, de verlader, de vervoerscommissionair of de commissionair-expediteur

Art 35

Art 36

Art 37

art 37 gewijzigd KB 10 aug 2009 Stbl 20-08-2009

HOOFDSTUK I.

Maatregelen van ambtswege

Art 30

Art 31

HOOFDSTUK II.

Inning en consignatie van een som bij de vaststelling van sommige inbreuken

Art. 32.

Art. 33.

Art. 34.

De Koning bepaalt :

HOOFDSTUK III.

Strafbepalingen

Art. 35.

§ 1. De in artikel 36 bedoelde inbreuken op deze wet en haar uitvoeringsbesluiten worden bestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden en met een geldboete van vijftig tot tienduizend frank, vermeerderd met de opdeciemen, of met één van die straffen alleen, onverminderd de eventuele schadevergoeding.

De bepalingen van boek I van het Strafwetboek, waaronder ook hoofdstuk VII en artikel 85, zijn op die inbreuken van toepassing.

§ 2. Onverminderd de bepalingen van artikel 56 van het Strafwetboek, mag de straf in geval van herhaling binnen twee jaar na de veroordeling echter niet lager zijn dan het dubbele van de straf die vroeger wegens dezelfde inbreuk werd uitgesproken.

§ 3. Bij veroordeling wegens vervoer van zaken tegen vergoeding verricht met een voertuig waarvoor geen vervoervergunning werd afgegeven overeenkomstig de bepalingen van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten :

§ 4. In afwijking van artikel 43, eerste lid van het Strafwetboek kan de verbeurdverklaring van het voertuig wegens inbreuk op deze wet en haar uitvoeringsbesluiten slechts in het in § 3 bepaalde geval worden uitgesproken.

[§5 De politierechtbanken zijn bevoegd voor de in artikel 36 bedoelde inbreuken.] (toegevoegd Wet 24-03-2003 BS. 08-4-2003)

Art. 36.

De schending van deze wet en van haar uitvoeringsbesluiten wordt strafbaar gesteld wanneer zij de bepalingen betreft inzake :

Art. 37. (vervangen Wet 24-03-2003 BS. 08-4-2003)

§ 1. Worden, overeenkomstig de in artikel 35, §§ 1 en 2 bedoelde strafbepalingen gestraft :

§ 2. De opdrachtgever, de verlader, de vervoercommissionair of de commissionair-expediteur worden, overeenkomstig de in artikel 35, §§ 1 en 2, bedoelde strafbepalingen, gestraft indien zij instructies hebben gegeven of daden hebben gesteld die hebben geleid tot :

§ 3. De houder van het getuigschrift of bewijs van vakbekwaamheid die, zelfs door gebrek aan voorzichtigheid of voorzorg, de in artikel 3, 1° en 2° bedoelde werkzaamheden van de onderneming niet daadwerkelijk en permanent heeft geleid overeenkomstig de bepalingen van artikel 10, wordt gestraft overeenkomstig de in artikel 35 §§1 en 2, bedoelde strafbepalingen.

§ 4. De vervoerder, de opdrachtgever of de vervoercommissionair worden, overeenkomstig de in artikel 35, §§ 1 en 2 , bedoelde strafbepalingen, gestraft indien zij een vervoer hebben aangeboden, verricht of laten verrichten, tegen een ongeoorloofd lage prijs.

Onder « ongeoorloofd lage prijs » dient te worden verstaan een prijs die onvoldoende is om tegelijkertijd te dekken :


Top