Verkeerstekens en hun plaatsingsvoorwaarden.
Ministerieel Besluit van 11 OKTOBER 1976
waarbij de minimumafmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald.
naar startpagina
startpagina verkeerweb
Inhoudstabel Verkeerstekens
Inhoudstabel plaatsing verkeerstekens
Art. 9. Verbodsborden.

9.1. Verkeersbord C1. Verboden richting voor iedere bestuurder. {gewijzigd door het MB van 18-12-2002 (1° en 3°) in voege vanaf 1 juli 2004}


C1

Met ieder verkeersbord C1 dat bij het begin van een wegvak met verboden richting geplaatst is, moet op het andere uiteinde een verkeersbord F19 overeenkomen, rechts in de rijrichting geplaatst.

Het verkeersbord F19 mag evenwel niet geplaatst worden indien het verbod opgelegd door het verkeersbord C1, niet het geheel van de openbare weg betreft.


9.2. Verkeersbord C3. Verboden toegang, in beide richtingen, voor ieder bestuurder.



9.2.bis Verkeersbord C3 met onderbord "speelstraat".


9.3. Verkeersborden C5 tot C19.


9.4. Verkeersborden C21 tot C29.


9.5. Verkeersbord C31. Verbod aan het volgend kruispunt af te slaan in de richting door de pijl aangegeven.

    C31a C31b
    1. Dit verkeersbord wordt geplaatst in de onmiddellijke nabijheid van het kruispunt. Het moet links herhaald worden op rijbanen met éénrichtingsverkeer waarvan de breedte het verkeer in meerdere files toelaat.
    2. Het mag niet geplaatst worden indien het verbod niet het geheel van de dwarsweg betreft.
    3. Indien de bestuurder in de onmiddellijke nabijheid van de ingang van een kruispunt een verkeersbord C1 niet kan zien dat op een weg van dit kruispunt geplaatst is, mag een verkeersbord C31 geplaatst worden als waarschuwing van het verkeersbord C1, behalve indien het afslaan in dezelfde richting op een andere weg van het kruispunt toegelaten is. Telkens als het mogelijk is zal evenwel het verkeersbord D1 of D3 gebruikt worden in plaats van het verkeersbord C31.
      Wanneer op de verboden richting een uitzondering bestaat voor de fietsers en eventueel voor de bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse A, moet het verkeersbord C31 worden gebruikt in plaats van het verkeersbord D3 en mag het gebruikt worden in plaats van het verkeersbord D1.
    4. Op een kruispunt waar het verboden is naar rechts en naar links af te slaan wordt geen verkeersbord C31 geplaatst; alleen een verkeersbord D1, waarvan de pijl naar boven gericht is, wordt in zulk geval geplaatst.
      Hetzelfde geldt aan de opritten van autosnelwegen; het verkeersbord D1 wordt dan zo geplaatst in de hoek gevormd door de oprit en de rijbaan van de autosnelweg, dat het zowel zichtbaar is voor de bestuurder die op de autosnelweg rijdt als voor de bestuurder die er zich op begeeft.
    5. Het is verboden tegelijk verkeersborden C31 en D1, D3 of D5 te plaatsen om eenzelfde reglementering op te leggen.
    6. Wanneer het verkeersbord C31 niet van toepassing is op de fietsers en eventueel de bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse A, wordt een onderbord gebruikt van het model M.2. of M.3. bedoeld in artikel 65.2. van het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer.

9.6. Verkeersbord C33. Vanaf het verkeersbord tot het volgend kruispunt, verbod te keren.


    C33
    Dit verkeersbord mag niet gebruikt worden om aan te duiden dat een rijbaan éénrichtingsverkeer heeft.

9.7. Verkeersborden C35 en C39.

    Op een rijbaan met éénrichtingsverkeer moet het verkeersbord dat op het eerste gereglementeerd weggedeelte staat links herhaald worden.
    C35 C39

9.8. Verkeersborden C37 en C41.

    C37
    C41

    Het verkeersbord wordt slechts geplaatst indien het einde van het verbod niet samenvalt met een kruispunt.

    Het mag vervangen worden door het verkeersbord C46.


9.9. Verkeersbord C43. Vanaf het verkeersbord tot het volgend kruispunt, verbod te rijden met een grotere snelheid dan deze die is aangeduid.


    C43


    Dit verkeersbord mag niet gebruikt worden op plaatsen waar :

    1. de bijzondere plaatsgesteldheid duidelijk een snelheidsvermindering oplegt;

    2. waar een gevaarsbord kan gebruikt worden behalve wat betreft het gevaarsbord A23 wanneer het gevoegd is bij een verkeersbord F4a, gebeurlijk met veranderlijke informatie, conform het artikel 2.37 van het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer [en van het gebruik van de openbare weg en behalve wat betreft het gevaarsbord A51 wanneer het gevoegd is bij een verkeersbord F4a of zonale C43 met de vermelding 50 of zonale C43 met de vermelding 70]. (MB. 26-04-2004)
      Wanneer de snelheidsbeperking is aangeduid door middel van signalisatie met veranderlijke informatie, mag ze slechts gebruikt worden tijdens de periodes van aankomst en vertrek van de kinderen aan de school.
      Het mag niet bij het verkeersbord A23 worden geplaatst :
      • wanneer de snelheid reeds beperkt is tot ten minste 30 km per uur;
      • wanneer de maximum toegestane snelheid gelijk is aan of hoger is dan 70 km per uur. »

    2° In de bebouwde kommen die afgebakend zijn door verkeersborden F1 en F3 mogen geen verkeersborden C43 met snelheidsbeperking tot 50 km/u, worden geplaatst of behouden.

    Er moet evenwel een verkeersbord C43 met snelheidsbeperking tot 50 km/u, aangevuld door het onderbord van het type VI van bijlage 2 tot dit besluit, met de vermelding "Herhaling" worden geplaatst op het einde van het weggedeelte waarop een snelheid van meer dan [50] km/u werd toegelaten. Het wordt links herhaald op de rijbanen met éénrichtingsverkeer.

    Verkeersborden C43 met op een onderbord de vermelding "Herhaling" mogen gebruikt worden indien de bijzondere plaatsgesteldheid het rechtvaardigt.

    3° Wanneer een snelheidsbeperking wordt opgelegd buiten een bebouwde kom, moet het eerste verkeersbord C43 aangekondigd worden door een gelijkaardig verkeersbord aangevuld met een onderbord van het type Ia van bijlage 2 tot dit besluit, indien het verschil tussen de maximale toegelaten snelheid en de opgelegde snelheidsbeperking meer dan 20 km per uur bedraagt.

    4° Op openbare wegen waar de snelheid beperkt is overeenkomstig artikel 11.2.2° a) van het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer mogen alleen verkeersborden C43 met de vermelding 90 km/u gebruikt worden met een onderbord met de vermelding "Herhaling".

    Deze verkeersborden mogen alleen worden gebruikt indien de bijzondere plaatsgesteldheid het rechtvaardigt.

    (5° Wanneer het verkeersbord C43 met de vermelding 30 (km) bij het bord F1 is gevoegd :
      - mag de bebouwde kom geen openbare wegen omvatten die voorrangswegen zijn doordat er borden B9 geplaatst zijn;
      - moet binnen deze bebouwde kom de snelheid teruggebracht worden tot 30 km per uur door maatregelen inzake organisatie van het verkeer of het parkeren, infrastructuur of door andere aanpassingen in het straatbeeld of door een combinatie van deze maatregelen.)
    <MB 2003-11-27/46, art. 3, 012; Inwerkingtreding : 01-01-2004>


9.10. Verkeersbord C45. Einde van de snelheidsbeperking opgelegd door het verkeersbord C43.


    C45

    Dit verkeersbord wordt slechts geplaatst indien het einde van het verbod niet samenvalt met een kruispunt.

    Het mag vervangen worden door het verkeersbord C46.


9.11. Verkeersbord C46. Einde van alle plaatselijke verbodsbepalingen opgelegd aan de voertuigen in beweging.

    C46
    Dit verkeersbord mag slechts gebruikt worden om een einde te maken aan de verbodsbepalingen voorgeschreven door de verkeersborden C33, C35, C39 en C43 en uitsluitend wanneer het einde van het verbod niet samenvalt met een kruispunt of een toegang tot een autosnelweg.


9.12. Verkeersbord C48.

C48
Vanaf het verkeersbord tot het volgend kruispunt, verbod de cruise control of kruissnelheidsregelaar te gebruiken.
Een onderbord van het type VII van bijlage 2 bij dit besluit, aangebracht onder het verkeersbord C48 beperkt het verbod tot de bestuurders van voertuigen waarvan de maximale toegelaten massa hoger is dan de aangeduide.

Inhoudstabel Verkeerstekens
Inhoudstabel plaatsing verkeerstekens