|
![]() |
ART 8 ONDERZOEK VAN HET PROTOTYPE.
Ten behoeve van de nodig geoordeelde onderzoeken en proeven stelt de aanvrager ter beschikking van de Minister van Verkeerswezen of van een door hem aangeduide instelling op de vastgestelde plaats, datum en uur.
De van een hiertoe geldende oproeping voorziene voertuigen mogen op de openbare weg worden gebezigd zonder het in artikel 24 voorgeschreven keuringsbewijs, voor zover zij zich uitsluitend verplaatsen ter uitvoering van de bepalingen van dit artikel en in de voorwaarden aangegeven in voormelde oproeping.
ART 9 GOEDKEURINGSVOORWAARDEN
§1.
1. De goedkeuring van een type van chassis of zelfdragend voertuig wordt geweigerd:
1° wanneer uit het in artikel 8 voorgeschreven onderzoek blijkt dat het prototype niet overeenstemt met de in artikel 7 bedoelde beschrijving;
2° wanneer het niet beantwoordt aan de voorschriften van dit algemeen reglement;
3° wanneer het niet beantwoordt aan de voorschriften andere dan deze voorzien in dit reglement die gelden voor de auto's en hun aanhangwagens;
4° wanneer het niet voldoet aan de door de Minister van Verkeerswezen of zijn gemachtigde bepaalde veiligheids- en stevigheidscriteria;
5° wanneer eventueel het bewijs niet kan geleverd worden dat het chassis of zelfdragend voertuig uitsluitend uit nieuwe onderdelen bestaat;
6° wanneer bij de proefnemingen onvolmaaktheden aan het licht komen, bijzonder uit het oogpunt van het sturen, de wegligging en het remmen.
2. De Minister van Verkeerswezen of zijn gemachtigde kan personenauto's, auto's voor dubbel gebruik en vrachtauto's die in kleine reeks gebouwd of ingevoerd worden alsmede in kleine reeks gebouwde aanhangwagens ontslaan van sommige destructieve of zeer dure proeven; onder kleine reeks verstaat men maximum tien voertuigen per jaar, met uitzondering voor de personenauto's en auto's voor dubbel gebruik waarvoor het toegelaten maximum 25 per jaar bedraagt.
§2.
Indien de door de constructeur gewaarborgde massa's de bij artikel 32 van dit algemeen reglement vastgestelde maxima overschrijden of wanneer blijkt dat de massa's hoger zijn dan die waarvoor het chassis, het zelfdragend voertuig of de voornaamste onderdelen ervan werden vervaardigd, past de Minister van Verkeerswezen of zijn gemachtigde de nodig geachte massabeperkingen toe. Behalve wanneer het om machinevoertuigen gaat, wordt de goedkeuring geweigerd wanneer het verschil tussen de maximale toegelaten massa en de eigen massa van het voertuig niet ten minste 10 pct. van de maximale toegelaten massa bedraagt.
De waarde van 10 % wordt tot 20 % verhoogd voor de kampeerauto's en de kampeeraanhangwagens waarvoor de aanvraag om goedkeuring vanaf 1 januari 1986 wordt ingediend.
§3.
De goedkeuring kan worden bekomen voor typen van chassis of zelfdragende voertuigen gebouwd voor speciale doeleinden of voor het vervoer van ondeelbare voorwerpen, wanneer afmetingen of massa's hoger zijn dan de in artikelen 31 en 32 van dit algemeen reglement voorziene maxima. In dat geval geven de processen-verbaal van goedkeuring eventueel de bijzondere gebruiksvoorwaarden aan.
Voor de plaats en het aanbrengen van de achterste kentekenplaten: zie het K.B. 3.12.76 Stbl. 24.12.76.
ART 10 PROCES-VERBAAL van GOEDKEURING
§1.
De goedkeuring van een type van chassis of zelfdragende voertuigen wordt bekrachtigd met een genummerd proces-verbaal van goedkeuring (P.V.G).
Dit proces-verbaal bepaalt de maximale toegelaten massa van het voertuig en van de voertuigensleep alsook de maximale massa op de grond onder de as of assen en wanneer het een oplegger betreft, de maximale massa onder het steunpunt. Het proces-verbaal van goedkeuring heeft geen terugwerkende kracht.
§2.
De afgifte van het proces-verbaal van goedkeuring en van elk bijbehorend document bindt de verantwoordelijkheid van de Minister van Verkeerswezen of van zijn gemachtigde niet en vermindert in genen dele die van de aanvrager.
§3.
De lijst van goedgekeurde typen van chassis of zelfdragende voertuigen wordt in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt. Deze bekendmaking omvat ten minste het nummer van het proces-verbaal van goedkeuring, het merk, het type alsmede de in §1 vernoemde maximale massa's.
§4.
1°
De bevoegde constructeur of de bij artikel 5 §2, 4, bedoelde mandataris, reikt, voor elk voertuig overeenstemmend met een type dat het voorwerp uitmaakt van een proces-verbaal van goedkeuring, een attest uit waarbij bevestigd wordt dat het voertuig volledig overeenstemt met de in artikel 7 bedoelde beschrijving en met het proces-verbaal van goedkeuring.
Dit attest gelijkvormigheidsattest genaamd, is van het model zoals opgegeven in bijlage 1 . Alleen de personen die behoorlijk gemachtigd zijn door de bevoegde constructeur of de bij artikel 5 van dit besluit bedoelde mandataris zijn gerechtigd om de gelijkvormigheidsattesten te ondertekenen voor zover hun handtekeningen bij het Ministerie van Verkeerswezen werden neergelegd .
2°
Elk nieuw voertuig, verkocht in België, moet voorzien zijn van een gelijkvormigheidsattest. Elke verkoper van een nieuw voertuig moet, op het ogenblik van de verkoop, dit attest aan de koper overhandigen.
3°
Voor de in nieuwe of in gebruikte staat ingevoerde voertuigen, die voor de eerste maal in België in gebruik worden genomen, alsook voor de in artikel 2 §2, 5°, genoemde voertuigen bestemd om in gebruik te worden genomen onder een gewoon inschrijvingsteken, die niet het voorwerp uitmaken van een gelijkvormigheidsattest uitgereikt door de bevoegde constructeur of de in artikel 5 §2, 4 bedoelde mandataris, moet het bewijs geleverd worden dat zij voldoen aan de reglementaire voorschriften, die krachtens artikel 2 erop van toepassing zijn.
Voor het leveren van dat bewijs, moeten die voertuigen aangeboden worden bij een door de Minister van Verkeerswezen voor de automobielinspectie erkend organisme, hetwelk het voertuig zal identificeren en zal nagaan of voldaan is aan de reglementsbepalingen die er op toepasselijk zijn.
Indien het voertuig aan die bepalingen voldoet, levert de Minister van Verkeerswezen of zijn gemachtigde een document af waaruit blijkt dat het voertuig gelijkvormig is met de voorschriften van dit besluit.
Wanneer het voertuig in België verkocht wordt met het oog op een eerste inschrijving onder een gewoon inschrijvingsteken moet de verkoper, op het ogenblik van de verkoop, dit document aan de koper overhandigen.
Voor de na 15 juni 1969 voor het eerst in dienst gestelde voertuigen, geldt dit document als gelijkvormigheidsattest.
3°bis,
Betreft het een landbouwaanhangwagen zoals bedoeld in artikel 2§2, 8° en 9°, dan reikt één van de door de Minister van verkeerswezen [of zijn gemachtigde voor de automobielinspectie erkende organismen, na identificatie van het voertuig en verificatie van zijn gelijkvormig zijn met de voorschriften die krachtens artikel 2§2, 8° en 9° er toepasselijk op zijn onder de door de Minister van Verkeerswezen of zijn gemachtigde vastgestelde voorwaarden een bewijs uit dat als gelijkvormigheidsattest geldt.
4°
Het gelijkvormigheidsattest of het aldus geldend bewijs moet:
a) het voertuig, waarop het betrekking heeft, steeds vergezellen, zelfs in geval van verandering van bezitter;
b) ter gelegenheid van de autokeuring worden vertoond op elk verzoek van het personeel van het door de Minister van Verkeerswezen voor de automobielinspectie erkend organisme.
§5.
Voertuigen van categorie M1, goedgekeurd volgens de procedure bepaald in artikel 3bis van dit besluit, worden voorzien van een certificaat van overeenstemming zoals voor volledige/voltooide voertuigen waarvan het model zich in bijlage 17 bevindt.
Deze bepaling is van toepassing op alle in gebruik genomen voertuigen die een Europese typegoedkeuring hebben.
§6.
Het is toegelaten, ten einde de stocks van de hand te kunnen doen, voertuigen in te schrijven die in overeenstemming zijn met een
voertuigtype, waarvan de typegoedkeuring afgeleverd werd overeenkomstig artikel 3, § 1, 1 van dit besluit maar die niet meer geldig is omdat niet meer voldaan is aan een of meer voorschriften van dit besluit die sinds de afgifte van de typegoedkeuring strenger zijn geworden of omdat een deelgoedkeuring, die deel uitmaakt van de typegoedkeuring, ongeldig is geworden ingevolge de wijziging van een bijzondere richtlijn.
Deze toelating geldt voor een periode van één jaar te rekenen vanaf de datum waarop de typegoedkeuring ongeldig is geworden.Deze bepaling is slechts van toepassing op voertuigen die :
Het maximum aantal voertuigen van een of meer typen dat nog kan ingeschreven worden, bedraagt in geval van categorie M1 niet meer dan 10 % en in geval van andere categorieën niet meer dan 30 % van alle desbetreffende voertuigtypen die tijdens het voorgaande jaar in gebruik zijn genomen.
Indien deze percentages minder dan 100 voertuigen vertegenwoordigen, mogen maximum 100 voertuigen in gebruik worden genomen.
ART 11 VOORLOPIGE GOEDKEURING.
In afwachting van het beëindigen van de goedkeuringsprocedure overeenkomstig de bepalingen van dit besluit, kan de Minister van Verkeerswezen of zijn gemachtigde, zonder vooruit te lopen op de definitieve goedkeuring en op volle verantwoordelijkheid van de aanvrager, een type van chassis of zelfdragend voertuig voorlopig goedkeuren.
De bij de voorlopige goedkeuring maximale massa's kunnen eventueel lager zijn dan de door de constructeur gevraagde gewichten.
ART 12 GELDIGHEID van de PROCESSEN-VERBAAL van GOEDKEURING
§1.
De levering van nieuwe voertuigen door de fabrikant of zijn gemachtigde gelijkvormig verklaard met het goedgekeurde type die het nummer van het proces-verbaal van goedkeuring hebben dat met dit type overeenkomt, moet binnen een periode van zes jaar gebeuren te rekenen vanaf de eerste dag van de maand die volgt op de afgifte van het proces-verbaal van goedkeuring.
Na deze periode van zes jaar, wordt het voertuigtype beschouwd als niet meer beantwoordend aan de wetgeving en is elke levering van nieuwe voertuigen gelijkvormig met dit type verboden. Indien de fabrikant dit type van voertuig wenst verder te verkopen na de periode van zes jaar, moet hij een nieuwe goedkeuring aanvragen op basis van de op dat ogenblik vigerende wetgeving.
§2.
De indienststelling van een nieuw voertuig gelijkvormig met een goedgekeurd type van voertuig moet gebeuren tijdens de periode van zeven jaar te rekenen vanaf de eerste dag van de maand die volgt op de afgifte van het proces-verbaal van goedkeuring dat betrekking heeft op dit voertuigtype.
§3.
De indienststelling in Belgie van in oude staat ingevoerde voertuigen van meer dan zeven jaar oud is toegelaten op voorwaarde dat zij gelijkvormig zijn met een proces-verbaal van goedkeuring en dat de eerste indienststelling in het buitenland plaats heeft gehad tijdens de periode van zeven jaar te rekenen vanaf de eerste dag van de maand die volgt op de afgifte van het proces-verbaal van goedkeuring.
§4.
Als de omstandigheden zulks vergen, kan de Minister van Verkeerswezen of zijn gemachtigde de termijnen bepaald in de §1, §2 en §3 van dit artikel met twee jaar verlengen.
Deze verlenging zal slechts toegekend worden op verzoek hetzij van de fabrikant of zijn gemachtigde in de gevallen bedoeld in de §§1 en 2, hetzij van de eigenaar of de invoerder In de gevallen bedoeld in de § 3.
§5.
De levering en de eerste ingebruikneming van chassis of zelfdragende voertuigen onder dekking van een proces-verbaal van goedkeuring uitgereikt overeenkomstig het algemeen reglement gevoegd bij het besluit van het Regent van 22 mei 1947 of van een der Jaarlijks door het bestuur van het Vervoer opgemaakte Iijsten met de personenauto's en de auto's voor dubbel gebruik, die beantwoorden aan de bepalingen van het besluit van de Regent van 10 juni 1947, zijn toegestaan in de bij §§1, 2, 3 en 4 van dit artikel aangegeven voorwaarden, voor zover het voertuigtype betreft dat beantwoordt aan de voorschriften van dit algemeen reglement.
|
|||||
|
|
|