Koninklijk besluit van 10 oktober 1974 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de bromfietsen, de motorfietsen en hun aanhangwagens moeten voldoen.

Naar mijn homepage
Goedkeuring - Identificatie
Tabel
Reminrichting en -doelmatigheid

HOOFDSTUK III - Technische eisen

 

ART 8. Algemene constructievoorschriften.

Het voertuig moet wat materialen, constructie en afwerking betreft. voldoen aan eisen welke uit technisch oogpunt aan goed en degelijk werk zijn te stellen.

 

ART 9. Geluid voortgebracht door de nieuwe voertuigen.

Voorschriften betreffende voertuigen andere dan vierwielige bromfietsen waarvoor de aanvraag om goedkeuring voor 1 januari 1983 wordt ingediend.

Voorschriften betreffende voertuigen waarvoor de aanvraag om goedkeuring ingediend wordt vanaf 1 januari 1983.

§1. Geluid voortgebracht door bromfietsen.

1. Definities.

2. Toegestane geluidsniveaus.

3. Uitlaatinrichting (geluiddemper).

§ 2. Geluid van de motorfietsen.

§3

  1. De bepalingen van 2°, § 1, zijn onmiddellijk van toepassing op de bromfietsen met vier wielen.

  2. Voor 1 januari 1983 zijn, op verzoek van de constructeur of zijn gemachtigde, de bepalingen van 2°, § 2, van dit artikel van toepassing in vervanging van de bepalingen van 1°, § 2.


ART. 10. Geluid voortgebracht door de in dienst zijnde voertuigen.

Bepalingen betreffende voertuigen, andere dan de vierwielige bromfietsen, waarvan het verzoek tot goedkeuring ingediend wordt voor 1 januari 1983.

Bepalingen betreffende twee- en driewielige voertuigen waarvan het verzoek tot goedkeuring ingediend wordt na 1 januari 1983, alsook voor vierwielige bromfietsen.

Om de geluidsmetingen te kunnen uitvoeren in de voorwaarden zoals bepaald in dit artikel, moet de bestuurder, indien gewenst, het voertuig ter beschikking stellen van de bevoegde beambten opdat ze ofwel het voertuig kunnen laten overbrengen naar een aangepaste plaats ofwel de bewegingen met het voertuig zelf uitvoeren ofwel beide kunnen doen.

Indien bij een controle vastgesteld wordt dat het geluidsniveau van een voertuig hoger ligt dan de toegestane uiterste waarde moet de houder ervan. onverminderd de bepalingen van artikel 36bis van dit besluit. het laten herstellen en binnen de vijf werkdagen voor controle aanbieden bij een bevoegde beambte.

Deze periode wordt echter teruggebracht tot twee dagen zo de vastgestelde waarde van het geluidsniveau de uiterste toegestane waarde voor gebruikte voertuigen met 7 dB (A) overtreft, of indien de geluiddemper niet oorspronkelijk is, of tenslotte indien de bevoegde beambte vaststelt dat het voertuig opzettelijk gewijzigd werd.


 (1) De richtlijn 78/1015/EEG van 22 juli 1978 werd gepublicieerd in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschapen, nr. L349, van 13 december 1978.

 (2) Het reglement n° 41 is te verkrijgen bij het Bestuur van het Vervoer. Directie B1. Kantersteen 12. 1000 Brussel.

Goedkeuring - Identificatie
Tabel
Reminrichting en -doelmatigheid