23 MAART 1998. - Koninklijk besluit betreffende het rijbewijs
HOOFDSTUK II. - De scholing [Afdeling III. - Leervergunning]
- Art 14 + 15 gewijzigd door KB. 01-09-2006 BS 06-09-2006 invoege 15 sept 2006
- Art 15 - 16 gewijzigd door KB. 10-07-2006 BS 14-07-2006 de vermelding "Afdeling III - Leervergunning" wordt opgeheven invoege 1 sept 2006
- Art 10.3° gewijzigd door KB. 15-07-2004 BS 30-07-2004
Art. 10. De scholing op basis van een leervergunning is aan de volgende voorwaarden onderworpen :
1° De kandidaat :
- moet beantwoorden aan de in artikel 3, §1, bedoelde voorwaarden om een rijbewijs te verkrijgen;
- moet [in één of meerdere rijscholen] 1. het theoretische en het praktische onderricht gevolgd hebben, bedoeld in de artikelen 14 en 15, tweede lid, 6° en geslaagd zijn voor het theoretische examen bedoeld in artikel 23, § 1, 4° van de wet of ervan vrijgesteld zijn krachtens artikel 28; [gew. KB 05-09-2002]
- mag niet vervallen zijn van het recht om een motorvoertuig te besturen van de categorie B en moet geslaagd zijn voor de onderzoeken die eventueel krachtens artikel 38 van de wet worden opgelegd;
- moet voldoen aan de bepalingen van artikel 41;
- moet op het ogenblik van de afgifte van de leervergunning de leeftijd van ten minste 17 jaar [bereikt] 1. hebben en mag de leeftijd van 18 jaar niet bereikt hebben; [gew. KB 05-09-2002]
- mag niet eerder houder geweest zijn van een leervergunning;
- moet houder zijn van, en tevens bij zich hebben, een nog geldige leervergunning;
- moet vergezeld zijn van een begeleider die beantwoordt aan de in 3° voorgeschreven voorwaarden en die vermeld is op de leervergunning;
2° Het voertuig :
- moet behoren tot de categorie B;
- mag, behalve de begeleider vermeld op de leervergunning, slechts één andere persoon vervoeren;
- mag in commercieel verband geen goederen vervoeren;
- moet op de achterzijde en op een duidelijk zichtbare plaats uitgerust zijn met het teken " L ", waarvan het model bepaald is door de Minister;
- moet voorzien zijn van :
- achteruitkijkspiegels binnen in het voertuig zodanig geplaatst dat de bestuurder en de begeleider ieder een voldoende uitzicht hebben op het verkeer van achter en van links of, als het voertuig uitgerust is met een gesloten koetswerk, rechtse buitenspiegels zodanig geplaatst dat de bestuurder en de begeleider ieder een voldoende uitzicht hebben op het verkeer van achter en van rechts;
- een parkeerrem gemakkelijk bereikbaar door de begeleider, tenzij het gaat om een voertuig dat speciaal aangepast is aan de handicap van de bestuurder of wanneer het gaat om een voertuig uitgerust met ten minste een bedrijfsreminrichting met twee remmen, zodanig dat de kandidaat en de begeleider ze ieder afzonderlijk kunnen bedienen terwijl de doelmatigheid voorgeschreven voor deze inrichting volledig behouden blijft;
- mag geen aanhangwagen trekken;
3° De begeleider :
- moet beantwoorden aan de in artikel 3, §1 bedoelde voorwaarden om een rijbewijs te verkrijgen;
- moet op de datum van de afgifte van de leervergunning de leeftijd van ten minste 24 jaar bereikt hebben;
- moet sedert, ten minste zes jaar, houder zijn van een Belgisch of een Europees rijbewijs geldig voor ten minste de categorie B en het tevens bij zich hebben. De bestuurder die overeenkomstig artikel 44, § 5 of artikel 45, enkel een speciaal aan zijn handicap aangepast voertuig mag besturen, mag niet als begeleider bij de scholing optreden;
- mag niet vervallen zijn of mag gedurende de laatste drie jaar niet vervallen geweest zijn van het recht om een motorvoertuig te besturen en moet voldaan hebben aan de examens en onderzoeken die eventueel krachtens artikel 38 van de wet werden opgelegd;
mag tijdens de laatste drie jaar niet :
- veroordeeld geweest zijn wegens overtreding van de artikelen 30, 32, 33, 34, 35, 36, 37, 47, 48 of 49 van de wet;
- meer dan driemaal veroordeeld geweest zijn voor een zware overtreding door de Koning aangewezen op grond van artikel 29 van de wet; (opgeheven KB 15-07-2004 - invoege vanaf 1aug 2004)
- mag, behalve voor dezelfde kandidaat, niet als begeleider vermeld geweest zijn op een andere leervergunning of op een voorlopig rijbewijs binnen het jaar vóór de afgifte van de leervergunning. Dit verbod is niet van toepassing op zijn eigen kinderen of pleegkinderen of die van zijn echtgenoot;
- moet de in artikel 15, tweede lid, 6°, bedoelde lesuren gevolgd hebben, tenzij in het in artikel 12, § 6, derde lid, bedoelde geval;
- moet vooraan in het voertuig plaatsnemen.
Art. 11. De leervergunning stemt overeen met het model van bijlage 3.
De leervergunning wordt afgegeven door de overheid bedoeld in artikel 7, tegen afgifte van een degelijk ingevulde aanvraag om een leervergunning en op vertoon van het bewijs dat voldaan is aan de voorwaarden van het artikel 10, 1°, b) en d) en 3°, g).
Het model van de aanvraag om een leervergunning wordt bepaald door de Minister.
Art. 12.
§ 1. De leervergunning is achttien maanden geldig.
De geldigheid van de leervergunning mag niet verlengd worden behalve in het geval voorgeschreven in § 5, 2°.
§ 2. De leervergunning is maar geldig voor het aanleren van het besturen van voertuigen van de categorie B.
De voorwaarden en de beperkingen die voorkomen op de attesten bedoeld in artikel 41, § 4 en 45, worden in de vorm van de codes, bepaald in bijlage 7, weergegeven op de leervergunning.
§ 3. Iedere leervergunning die is afgegeven hoewel niet was voldaan aan de voorwaarden die in deze afdeling voor de afgifte ervan gesteld worden, is nietig.
In dat geval, wordt de leervergunning aan de in artikel 7 vermelde overheid teruggegeven.
§ 4. De leervergunning verliest haar geldigheid :
1° [wanneer niet meer voldaan is aan de in artikel 10 bepaalde afgiftevoorwaarden;] [gew. KB 05-09-2002] 2.
2° bij het verstrijken van de geldigheidstermijn van het document;
3° wanneer een voorlopig rijbewijs geldig voor de categorie B wordt afgegeven;
4° als er een rijbewijs wordt afgegeven, geldig voor dezelfde categorie van voertuigen als deze waarvoor de leervergunning geldig verklaard is.
De leervergunning die haar geldigheid verloren heeft, wordt teruggegeven aan de overheid bedoeld in artikel 7.
§ 5. In afwijking van de bepalingen van §4, verliest de leervergunning evenwel haar geldigheid niet :
- als een van de op de leervergunning vermelde begeleiders, één van de in artikel 10, 3° voorgeschrevene voorwaarden niet meer vervult. In dit geval, moet de kandidaat veranderen van begeleider overeenkomstig de bepalingen van § 6;
- als de houder van de leervergunning vervallen verklaard is van het recht om een motorvoertuig van de categorie B te besturen. In dit geval, wordt de geldigheid van het document opgeschort tot het einde van de vervalperiode en, in voorkomend geval, tot het slagen voor de onderzoeken die krachtens artikel 38 van de wet worden opgelegd. Bij de teruggave van het document overeenkomstig artikel 68 verlengt de overheid, bedoeld in artikel 7, de geldigheid van de leervergunning met een termijn die gelijk is aan de periode gedurende dewelke de geldigheid van het document opgeschort is geweest.
§ 6. Een tweede begeleider, die voldoet aan de voorwaarden bepaald in het artikel 10, 3°, mag door de overheid bedoeld in artikel 7 op de leervergunning vermeld worden hetzij op het ogenblik van de afgifte ervan hetzij tijdens de scholing.
In geval van verandering van begeleider tijdens de scholing dient een nieuwe leervergunning afgegeven te worden door de overheid bedoeld in artikel 7; dit nieuw document heeft dezelfde uiterste geldigheidsdatum als de oorspronkelijke leervergunning.
De begeleider, die vermeld wordt tijdens de scholing, moet de praktische lessen bedoeld in artikel 15, tweede lid, 6°, niet volgen; hij moet daarentegen de praktische lessen bedoeld in artikel 15, tweede lid, 1°, j) volgen indien de andere begeleider vermeld op de leervergunning deze lessen niet gevolgd heeft.
Art. 13.
De kandidaat mag niet sturen van tweeëntwintig uur tot zes uur 's anderendaags op vrijdag, zaterdag, zondag, op de vooravond van de wettelijke feestdagen en op de wettelijke feestdagen.
Art. 14.
Het theoretische onderricht verstrekt door de rijscholen omvat de stof bedoeld in bijlage 4.
Het theoretische onderricht heeft een minimumduur van :
- zes uren voor de voorbereiding op het theoretische examen voor de categorieën A3, C, D en «G» en voor de subcategorieën C1 en D1; « » toegevoegd invoege 15 set. 2006
- twaalf uren voor de voorbereiding op het theoretische examen voor de categorieën A en B.
Art. 15.
Het praktische onderricht verstrekt door de rijscholen omvat de stof voorgeschreven in bijlage 5.
Het praktische onderricht heeft een minimumduur van :
- voor de kandidaat voor het rijbewijs geldig voor de categorie A3 die de scholing volgt in een rijschool;
- voor de kandidaat, houder van een Belgisch of Europees rijbewijs met de vermelding « automatisch » voor een bepaalde categorie of subcategorie van voertuigen, die een rijbewijs wenst te behalen geldig voor dezelfde categorie of subcategorie en waarop die vermelding niet voorkomt;
- voor de houder van een voorlopig rijbewijs geldig voor de categorie A die het praktische examen wenst af te leggen met een instructeur afkomstig uit een rijschool;
- voor de kandidaat die, na het minimum aantal uren praktisch onderricht dat in dit artikel voorgeschreven is, gevolgd te hebben, zich voor het afleggen van het examen tot een andere zetel van deze school of tot een andere school wendt;
- voor de houder van een voorlopig rijbewijs geldig voor de categorie A3 of A of van een voorlopig rijbewijs afgegeven met het oog op de opheffing van de vermelding « automatisch » die tweemaal niet geslaagd is voor het praktische examen;
- voor de houder van een voorlopig rijbewijs geldig voor de categorie A3 of A of van een voorlopig rijbewijs afgegeven met het oog op de opheffing van de vermelding « automatisch » waarvan de geldigheidsduur verstreken is;
voor de houder van een voorlopig rijbewijs model 1 of model 2; opgeheven vanaf 1 sept. 2006
- voor de kandidaat bedoeld in artikel 72, § 5, als voorbereiding op het praktische examen tot het herstel in het recht tot sturen van de voertuigen van de categorie A3;
- voor de houder van een Belgisch of Europees rijbewijs geldig voor het besturen van motorfietsen met een vermogen dat minder of gelijk is aan 25 kW [en een] vermogen / gewichtsverhouding van minder of gelijk aan 0,16 kW/kg die een rijbewijs geldig voor het besturen van alle voertuigen van de categorie A wenst te behalen; [gew. KB 05-09-2002]
voor de houder van een leervergunning, vergezeld van de begeleider of begeleiders vermeld op de leervergunning; opgeheven vanaf 1 sept. 2006
2° vier uren :
- voor de houder van een voorlopig rijbewijs model 3 geldig voor de [ categorie B+E, C, C+E, D of D+E ] of de subcategorie C1, C1+E, D1 of D1+E die tweemaal niet geslaagd is voor het praktische examen; [ ] vervangen invoege 1 sept 2006
- [
voor de houder van een voorlopig rijbewijs model 3, geldig voor de categorie B die zich voor het praktische examen wenst te melden met een instructeur afkomstig van een rijschool;] opgeheven invoege 1 sept 2006
3° zes uren :
- voor de kandidaat die een voorlopig rijbewijs geldig voor de categorie A wenst te behalen;
- als voorbereiding op de test bedoeld in artikel 4, 14°;
4° acht uren :
- voor de kandidaat voor het rijbewijs geldig voor de categorie A, B+E, C, C+E, D of D+E of voor de subcategorie C1, C1+E, D1 of D1+E die de scholing volgt in een rijschool;
- voor de houder van een voorlopig rijbewijs geldig voor de [categorie B+E, C, C+E, D of D+E] of voor de subcategorie C1, C1+E, D1 of D1+E waarvan de geldigheidsduur verstreken is; [ ] vervangen invoege 1 sept 2006
- opgeheven vanaf 1 sept. 2006
- opgeheven vanaf 1 sept. 2006
- voor de kandidaat bedoeld in artikel 72, § 5, als voorbereiding op het praktische examen tot herstel in het recht tot sturen van voertuigen van de categorie A;
- voor de kandidaat voor het rijbewijs geldig voor de categorie G; toegevoegd invoege 15 set. 2006
5° tien uren :
voor de kandidaat bedoeld in artikel 72, § 5 als voorbereiding op het praktische examen tot herstel in het recht tot sturen van de voertuigen van de categorie B;
6° twaalf uren : opgeheven vanaf 1 sept. 2006
voor de kandidaat die een leervergunning wenst te verkrijgen, waarvan de laatste twee uren moeten gevolgd worden, samen met de op de leervergunning vermelde begeleider of begeleiders;
7° achttien uren : opgeheven vanaf 1 sept. 2006

Art. 16.
De verplichting tot het volgen van het aantal uren voorgeschreven in de artikelen 14 en 15 is niet van toepassing op de houders van een Belgisch, een Europees of een buitenlands rijbewijs bedoeld in artikel 23, §2, 1° van de wet, van een voorlopig rijbewijs [of van een leervergunning], die lessen volgen om hun rijvaardigheid tot het sturen van voertuigen van de categorie of de subcategorie waarvoor het document geldig is, te vervolmaken. [ ] opgeheven vanaf 1 sept. 2006
[Voor het in de artikelen 14 en 15 bepaalde aantal uren mogen de in de twee verschillende zetels van één rijschool of de in twee verschillende rijscholen gevolgde uren samengeteld worden.] [gew. KB 05-09-2002] 3.
Die bepaling is niet van toepassing op de kandidaat bedoeld in artikel 15, tweede lid, 1°, j en 6° behalve wanneer hij zich inschrijft in het bevolkings-, vreemdelingen- of wachtregister van een andere gemeente.
De gevolgde lesuren in een rijschool worden in aanmerking genomen worden gedurende een termijn van drie jaar te rekenen vanaf de datum waarop met de lessen werd begonnen. [Komen evenwel niet in aanmerking de lessen gevolgd met de begeleider, bedoeld in artikel 15, tweede lid, 1°, j en 6° en de vervolmakingslessen bedoeld in het eerste lid.] [ ] vervalt vanaf 1 sept. 2006
1. De in "b" bepaalde wijziging schrapt de verplichting voor de kandidaat voor een leervergunning om de theoretische en praktische lessen in dezelfde rijschool te volgen. Deze leerlingen zullen dus, bijvoorbeeld in geval van betwisting met de school of omdat het persoonlijk beter past, net zoals de andere kandidaten van school kunnen veranderen.
De in "e" bepaalde wijziging verduidelijkt dat de leervergunning niet meer afgegeven worden, zodra de kandidaat 18 jaar geworden is.
2. Deze wijziging wil verduidelijken dat de leervergunning slechts haar geldigheid verliest wanneer de voor de afgifte bepaalde voorwaarden niet meer vervuld zijn. De niet naleving van de voorwaarden waaraan de scholing onderworpen is tast de geldigheid van het document niet aan, maar stelt de overtreder aan strafvervolging bloot.
Er werd voor een gelijkaardige bepaling voor het voorlopige rijbewijs gezorgd.
3. De kandidaat voor een leervergunning is niet meer verplicht om de theoretische en praktische opleiding in dezelfde rijschool te volgen.