04 mei 2007. - Koninklijk besluit betreffende het rijbewijs, de vakbekwaamheid en de nascholing van bestuurders van voertuigen van de categorieën C, C+E, D, D+E en de subcategorieën C1, C1+E, D1, D1+E.
TITEL VII. SLOTBEPALINGEN

HOOFDSTUK 2. - Overgangsbepalingen.

Art. 73.
§ 1. Zijn vrijgesteld van de verplichting tot het beschikken over een bewijs van vakbekwaamheid, in afwijking van artikel 3, § 2 :

  1. tot 10 september 2016, de bestuurders vermeld in artikel 5, § 1, 2°, die houder zijn van een Belgisch of Europees rijbewijs; (nvdr. vrachtauto's)
  2. tot 10 september 2015, de bestuurders vermeld in artikel 5, § 2, 2°, die houder zijn van een Belgisch of Europees rijbewijs. (nvdr. autobussen)

§ 2. Bij de vervanging van het document bedoeld in artikel 8, § 1, van dit besluit van de bestuurders bedoeld in § 1, 1°, in de periode tussen 10 september 2009 en 9 september 2016 wordt op verzoek van de bestuurder op dat document de code 95 opgenomen door de overheid bedoeld in artikel 8, § 2.
In dat geval is het bewijs van vakbekwaamheid geldig tot ten laatste 9 september 2016.
Indien de bestuurder bij deze vervanging evenwel aantoont dat hij 35 kredietpunten heeft verworven door het volgen van naschoolse vorming binnen een periode van vijf jaar voorafgaand aan de datum van de verlenging, bedraagt de geldigheidsduur van het bewijs van vakbekwaamheid vijf jaar.

§ 3. Bij de vervanging van het document bedoeld in artikel 8, § 1, van dit besluit van de bestuurders bedoeld in § 1, 2°, in de periode tussen 10 september 2008 en 9 september 2015 wordt op verzoek van de bestuurder op dat document de code 95 opgenomen door de overheid bedoeld in artikel 8, § 2.
In dat geval is het bewijs van vakbekwaamheid geldig tot ten laatste 9 september 2015.
Indien de bestuurder bij deze vervanging evenwel aantoont dat hij 35 kredieturen heeft verworven door het volgen van naschoolse vorming binnen een periode van vijf jaar voorafgaand aan de datum van de verlenging, bedraagt de geldigheidsduur van het bewijs van vakbekwaamheid vijf jaar.

Art. 74. In afwijking van artikel 3, § 3 zijn de bestuurders van voertuigen van groep C tot 10 september 2009 vrijgesteld van de verplichting tot het behalen van een getuigschrift van basiskwalificatie C.

Art. 74bis. (toegevoegd door KB 21 aug 2008 - inwerking 10 sept 2008)
§ 1. In afwijking van de bepalingen van Titel III worden de theorie- en praktijkexamens met het oog op het behalen van het rijbewijs geldig voor het besturen van voertuigen van groep 2 tot en met 9 september 2009 afgelegd overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit betreffende het rijbewijs.

§ 2. In afwijking van de bepalingen van artikel 21, § 1, tweede lid, worden de examens met het oog op het behalen van het getuigschrift van basiskwalificatie tot en met 9 september 2009 georganiseerd door de examencentra bedoeld in artikel 25, van het koninklijk besluit betreffende het rijbewijs en door de organismen bedoeld in artikel 4, 4°, 5° en 7° van het koninklijk besluit betreffende het rijbewijs voor de kandidaten die daar een opleiding hebben gevolgd.

Art. 74ter. (toegevoegd door KB 18 sep 2008 - inwerking 10 sept 2008)
§ 1.Voor de examens afgelegd in de examencentra bedoeld in artikel 25 van het koninklijk besluit betreffende het rijbewijs, worden de volgende retributies betaald :
Theoretisch examen bedoeld in artikel 29, eerste lid, 1° en artikel 36, tweede lid, 1° : 51 euro;
Theoretisch examen bedoeld in artikel 29, eerste lid, 2° en artikel 36, tweede lid, 2° : 43 euro;
Theoretisch examen bedoeld in artikel 29, eerste lid, 3° en artikel 36, tweede lid, 3° : 89 euro;
Voor het theoretisch examen bedoeld in artikel 27, § 1, § 3 en § 4 geldt een toeslag van 75 euro.
Praktisch examen bedoeld in artikel 35, § 1, 1° en artikel 42, § 1, 1° : 124 euro;
Praktisch examen bedoeld in artikel 35, § 1, 2° en artikel 42, § 1, 2° : 53 euro;
Praktisch examen bedoeld in artikel 42, § 1, 3° : 36 euro;
Indien het examen bedoeld in artikel 42, § 1, 3°, wordt afgelegd met een voertuig van de categorie D+E of subcategorie D1+E : 47 euro.
Indien de praktische proeven bedoeld in artikel 42, § 1, 2° en 3° worden afgelegd op hetzelfde moment, wordt de volgende retributie betaald : 71 euro.
Indien de praktische proeven bedoeld in artikel 42, § 1, 2° en 3° worden afgelegd op hetzelfde moment met een voertuig van de categorie D+E of subcategorie D1+E, wordt de volgende retributie betaald : 83 euro.

§ 2. De in § 1 voorziene retributies moeten ten laatste de tiende dag voorafgaand aan de datum van het examen waarvoor ze verschuldigd zijn, betaald worden. Bij ontstentenis wordt de afspraak vastgelegd door het examencentrum geannuleerd.
De retributies worden terugbetaald indien de kandidaat het examencentrum minstens acht werkdagen, zaterdag niet inbegrepen, voorafgaand aan de datum van het examen heeft verwittigd van zijn afwezigheid.
De retributies worden uitzonderlijk terugbetaald in geval van overmacht waarover de Minister of zijn gemachtigde oordeelt. "

§ 3. In de in § 1 bedoelde bedragen is de belasting over de toegevoegde waarde inbegrepen.
Deze bedragen zijn gekoppeld aan het indexcijfer van de gezondheidsindex dat op 31 december 2007 werd bereikt.
De bedragen worden op 1 januari van elk jaar aangepast aan het op 31 december van het voorgaande jaar bereikte indexcijfer van de gezondheidsindex en worden tot op de dichtstbijzijnde euro naar beneden afgerond.

Art. 75. In afwijking van de bepalingen van artikel 47, § 3 en artikel 50, § 3 wordt - bij gebrek aan een beslissing van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer - de goedkeuring van het opleidingsprogramma geacht te zijn verleend na verloop van een termijn van zes maanden te rekenen vanaf de ontvangst van de aanvraag tot goedkeuring van het opleidingsprogramma die wordt ingediend tijdens de periode tussen 1 januari 2008 en 10 september 2009.

Art. 76. De erkenningen bedoeld in hoofdstuk 2 van titel III, in hoofdstuk 2 van titel IV en in hoofdstuk 1 van titel V kunnen worden ingediend en kunnen door de Minister worden verleend vanaf 1 januari 2008.
Zij hebben eerst uitwerking vanaf 10 september 2008, behoudens de gevallen waarin de erkenning na die datum wordt verleend.
In afwijking van het tweede lid hebben de erkenningen van de exameninstellingen voor het gedeelte examinering van bestuurders van voertuigen van groep C
* pas uitwerking vanaf 10 september 2009.
* (gewijzigd door KB 21 aug 2008 - inwerking 1 jan 2008)

HOOFDSTUK 3. - Inwerkingtreding.

Art. 77. Dit besluit treedt in werking op 10 september 2008, met uitzondering van de bepalingen van artikel 76 die in werking treden op 1 januari 2008.
In afwijking van het eerste lid :
a) de artikelen 56, 57, 58, 59, 60, 65, 67, 68, 69, 70, en 72
treden op 10 september 2009 in werking voor de bestuurders van voertuigen van groep C.
b) de artikelen 62, 63, en 66 treden in werking op 10 september 2009 (gewijzigd door KB 21 aug 2008 - inwerking 10 sept 2008)

HOOFDSTUK 4. - Uitvoering.

Art. 78. Onze Minister van Binnenlandse Zaken, Onze Minister van Landsverdediging en Onze Minister bevoegd voor het wegverkeer, zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

BWklein         Valid XHTML 1.0 Transitional