HOOFDSTUK II. — Algemene bepalingen
Afdeling 1
Definities.

Art. 1. Voor de toepassing van dit besluit, wordt verstaan onder :
  1. inschrijven of inschrijving :
    de administratieve toestemming voor de deelname van een voertuig aan het wegverkeer die de identificatie daarvan in een repertorium van voertuigen, alsook de toekenning van een inschrijvingsnummer omvat;
  2. herinschrijven of herinschrijving :
    het inschrijven van eenzelfde voertuig op naam van dezelfde eigenaar met evenwel een verschillend inschrijvingsnummer;
  3. tijdelijke inschrijving :
    een inschrijving met beperkte geldigheid, hetzij een inschrijving in transit, hetzij een voorlopige inschrijving;
  4. inschrijving in transit :
    de tijdelijke inschrijving van een voertuig waarvoor een vrijstelling van rechten bij invoer en BTW of van BTW alleen werd verleend door het Federale Overheidsdienst van Financiën;
  5. voorlopige inschrijving :
    de tijdelijke inschrijving van een voertuig waarvoor geen vrijstelling zoals bedoeld in 4°, werd verleend door het Federale Overheidsdienst van Financiën;
  6. voertuig :
    a. elk voertuig dat beantwoordt aan de begripsomschrijvingen vermeld in artikel 1 §2, van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto’s, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen;
    b. elk voertuig dat beantwoordt aan volgende begripsomschrijvingen:
    - motorfietsen, dat wil zeggen tweewielige voertuigen, al dan niet met zijspanwagen, met een motor waarvan de cilinderinhoud meer dan 50 cm 3 bedraagt, indien het een motor met inwendige verbranding is, en/of met een door de contructie bepaalde maximumsnelheid van meer dan 45 km/u;
    - driewielers, dat wil zeggen voertuigen op drie symmetrisch geplaatste wielen, met een motor waarvan de cilinderinhoud meer dan 50 cm 3 bedraagt, indien het een motor met inwendige verbranding is, en/of met een door de constructie bepaalde maximumsnelheid van meer dan 45 km/u;
    - vierwielers, dat wil zeggen voertuigen met een lege massa van ten hoogste 400 kg (550 kg voor voertuigen gebruikt in het goederenvervoer), exclusief de massa van de batterijen in elektrische voertuigen, met een motor met een netto-maximumvermogen van ten hoogste 15 kW.
  7. personenvoertuig :
    een motorvoertuig bestemd voor het vervoer van personen, met ten hoogste acht zitplaatsen, die van de bestuurder niet meegerekend;
  8. nieuw voertuig :
    een voertuig waarvan het bouwjaar niet ouder is dan twee jaar, dat niet meer dan 300 km op de teller heeft en dat nog niet werd ingeschreven in België of elders;
  9. gebruikt voertuig :
    een voertuig dat geen nieuw voertuig is;
  10. afgedankt voertuig of autowrak :
    elk voertuig dat een afvalstof is in de zin dat de houder er zich van ontdoet of verplicht is er zich van te ontdoen in hoofde van de van kracht zijnde reglementaire bepalingen;
  11. in het verkeer brengen :
    rijden, stilstaan of parkeren op de openbare weg in België;
  12. verdragen inzake het wegverkeer :
    a. het verdrag inzake het wegverkeer en zijn bijlagen, gesloten te Genève op 19 september 1949 en goedgekeurd door de wet van 1 april 1954;
    b. het verdrag inzake het wegverkeer en zijn bijlagen, gesloten te Wenen op 8 november 1968 en goedgekeurd door de wet van 30 september 1988;
  13. bevoegd persoon :
    een persoon die op grond van de wetten op de politie van het wegverkeer bevoegd is verklaard voor het uitoefenen van het toezicht op de naleving van die wetten en hun uitvoeringsbesluiten en voor het vaststellen van de overtredingen ervan;
  14. de minister :
    de federale minister tot wiens bevoegdheid het inschrijven van voertuigen behoort;
  15. de leidend ambtenaar :
    de directeur-generaal van de dienst tot wiens bevoegdheid het inschrijven van voertuigen behoort;
  16. directie Wegverkeer :
    de directie verantwoordelijk voor onder andere de inschrijving van voertuigen bij het Directoraat-generaal Mobiliteit en Verkeersveiligheid;
  17. kentekenbewijs of inschrijvingsbewijs :
    het document uitgereikt krachtens artikel 16, eerste paragraaf, dat bevestigt dat het voertuig in België is ingeschreven; degene onder wiens naam een voertuig is ingeschreven wordt hierna de tenaamgestelde van het kentekenbewijs of de inschrijving genoemd;
  18. afschrift :
    een bijna identieke weergave van het kentekenbewijs dat bij de oorspronkelijke inschrijving werd opgesteld, met een bijzondere vermelding « afschrift » en dat bestemd is voor de huurder van een voertuig; het wordt uitgereikt krachtens artikel 16,§3 De bepalingen van dit besluit betreffende het kentekenbewijs zijn van overeenkomstige toepassing voor het afschrift ervan, met uitzondering van de artikelen 16, §1, en 19, §2;
  19. duplicaat van het kentekenbewijs :
    een bijna identieke weergave van het kentekenbewijs dat bij de oorspronkelijke inschrijving werd opgesteld, met de bijzondere vermelding « duplicaat » gevolgd door een specifieke datum van uitreiking; het wordt uitgereikt krachtens artikel 19. De bepalingen van dit besluit betreffende het kentekenbewijs zijn van overeenkomstige toepassing voor het duplicaat ervan, met uitzondering van artikel 16, §1 eerste lid;
  20. kentekenplaat :
    een officieële nummerplaat door de directie Wegverkeer uitgereikt krachtens artikel 22, voorzien van een opschrift, een reliëfstempel en van door de leidend ambtenaar te bepalen veiligheidselementen;
  21. duplicaat van de kentekenplaat :
    een bijna identieke weergave van de kentekenplaat uitgereikt krachtens artikel 24, eveneens voorzien van een opschrift, een stempel en veiligheidselementen. De bepalingen van dit besluit betreffende de kentekenplaat zijn van overeenkomstige toepassing voor het duplicaat ervan, met uitzondering van artikel 22, eerste tot derde lid;
  22. reproductie :
    een weergave van de kentekenplaat, zonder reliëfstempel of veiligheidselementen;
  23. opschrift :
    het geheel van schrifttekens die op een kentekenplaat of een reproductie voorkomen, met het inschrijvingsnummer als kern;
  24. gebruiker :
    de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die een voertuig, waarvan hij geen eigenaar is, bezigt voor zijn persoonlijk of bedrijfsmatig gebruik, om het even of hij erover mag beschikken tegen betaling of kosteloos, met uitsluiting evenwel van de persoon die een voertuig enkel bestuurt in de hoedanigheid van bezoldigd chauffeur;
  25. buitenlandse eigenaar of verhuurder :
    de eigenaar of de verhuurder van een voertuig die beantwoordt aan één van de volgende voorwaarden :
    a) een natuurlijke persoon zijn die zijn hoofdverblijfplaats heeft in een andere lidstaat van de Europese Unie, of in een staat die partij is bij één van de verdragen inzake het wegverkeer en die als dusdanig niet in België zijn domicilie of zetel van fortuin heeft;
    b) een rechtspersoon zijn die in België geen vaste inrichting heeft;
  26. hoofdverblijfplaats :
    de plaats die als dusdanig omschreven wordt in artikel 3 van de wet van 19 juli 1991 betreffende de bevolkingsregisters en de identiteitskaarten;
  27. vaste inrichting :
    een duurzame en materiële inrichting waar een rechtspersoon zijn maatschappelijke zetel of zijn hoofdkantoor heeft, of de plaats waar één of meer van zijn organen vergaderen en beslissen of waar een activiteit wordt uitgeoefend die tot zijn economische activiteit of maatschappelijk doel behoort, dan wel waar die rechtspersoon vertegenwoordigd wordt door één of meer natuurlijke personen die uit zijn naam of voor zijn rekening handelen.


Valid XHTML 1.0 Transitional