Aanvraag tot inschrijving of herinschrijving art. 10 - 15

  1. - procedure > art 10 tot 12 + 14
    - voertuig dat voorheen in een andere lidstaat van de Europese Unie was ingeschreven > art. 13
    - wijziging in de gegevens vb. adresverandering - overlijden > art 15

  2. - overdracht N°plaat op echtgenote of kinderen > art. 25
    - kosten (retributies) > art. 26

  3. - Verkoop, schenking of afstand van het voertuig + geldigheid keuringsbewijs art. 34

HOOFDSTUK II. — Inschrijvingsprocedures en -documenten
Afdeling 2
De aanvraag tot inschrijving.

Art. 10. * toegevoegd door KB 23-02-2005 - invoege 23 febr. 2004
De aanvraag tot inschrijving of herinschrijving van een voertuig wordt ingediend door de eigenaar of gebruiker van vermeld voertuig, verder de aanvrager genoemd.

Indien zowel de eigenaar als de gebruiker het voertuig wensen in te schrijven, mag enkel de eigenaar optreden als aanvrager . [Als die eigenaar een rechtspersoon is van een andere lidstaat van de Europese Unie, kan hij een kentekenbewijs vragen op zijn naam, met evenwel het adres van de gebruiker van het voertuig in België. De volledige identiteit van de gebruiker zal aangeduid worden in het vakje gereserveerd voor inlichtingen op de aanvraag tot inschrijving.] *

Indien er verschillende eigenaars zijn die het voertuig wensen in te schrijven, hetzij individueel, hetzij gezamenlijk, mag enkel de eigenaar die de voornaamste gebruiker van het voertuig is, optreden als aanvrager.

Indien meerdere gebruikers het voertuig wensen in te schrijven, mag enkel de voornaamste gebruiker van het voertuig optreden als aanvrager.

Art. 11.

§ 1. De aanvraag wordt ingediend per briefwisseling of afgegeven bij een kantoor van de dienst « DIV » van de directie Wegverkeer, door middel van een formulier dat de aanvrager daartoe verkregen heeft van deze directie.
De aanvrager vult het formulier in overeenkomstig de richtlijnen van de leidinggevende ambtenaar of zijn gemachtigde, dateert en ondertekent het.
De bescheiden, opgaven en inlichtingen waarvan de overlegging wordt gevraagd, vormen een integrerend deel van de aanvraag en worden erbij gevoegd.
De aanvrager kan een derde machtigen om de aanvraag aan te bieden bij de directie Wegverkeer. De machtiging wordt op het aanvraagformulier zelf gegeven door de vermelding van de identiteit van de lasthebber, zijn inschrijvingsnummer in het Rijksregister en door de handtekening van de aanvrager en van de gemachtigde.

§ 2.
  1. De aanvraag kan eveneens worden ingegeven door elektronische overdracht van de gegevens aan de dienst « DIV » van de directie Wegverkeer telkens de mogelijkheid bestaat, overeenkomstig de richtlijnen van de leidinggevende ambtenaar of zijn gemachtigde.
  2. De aanvraag tot inschrijving van een voertuig kan maar ingeleid worden door de persoon, gebruiker van de elektronische toepassing die heeft geleid tot de inschrijving van dit voertuig, waarvan de identiteit en de hoedanigheid voor echt kan verklaard worden.

Art. 12.

De aanvraag vermeldt in elk geval of de burgerrechterlijke aansprakelijkheid inzake motorvoertuigen gedekt is door een verzekeringscontract met een duur van één jaar onverminderd de toepassing van artikel 30 van de wet van 25 juni 1992 op de landverzekeringsovereenkomst, of in het geval van een tijdelijke inschrijving voor een minimumduur van één maand.

De aanvragen tot inschrijving ingediend door de personen bedoeld in artikel 5, §1, 3° mogen daarentegen een geldigheidsduur van het verzekeringscontract vermelden van meer dan één jaar, en dit tengevolge van een Akkoord afgesloten door wisseling van brieven gedagtekend op 23 mei en 2 juni 1967 te Brussel, tot wijziging van het Akkoord tussen België en het Algemeen Hoofdkwartier van de Geallieerde Mogendheden in Europa (SHAPE) tot regeling van sommige administratieve problemen in verband met de inplanting van SHAPE in België.

Bij zulke aanvraag wordt een attest van de SHAPE gevoegd als bewijs dat de Provoost-Marschal van SHAPE heeft nagegaan of alle formaliteiten betreffende dit voertuig werden vervuld en waarop hij de vervaldatum van de verzekering vermeldt.

In voorkomend geval vermeldt de aanvraag eveneens of op toereikende wijze voldaan is aan de fiscale verplichtingen en de technische eisen bedoeld in het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan voertuigen, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen, of het koninklijk besluit van 10 oktober 1974 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan bromfietsen en motorfietsen alsook hun aanhangwagens moeten voldoen.

Art. 13. * toegevoegd door KB 23-02-2005 - invoege 01 juni 2004

Bij de inschrijving van een voertuig dat voorheen in een andere lidstaat van de Europese Unie was ingeschreven wordt het kentekenbewijs afgeleverd door de autoriteiten van voornoemde lidstaat bij de aanvraag, bedoeld in artikel 11 eerste lid, gevoegd.

Indien het een meerdelig kentekenbewijs betreft worden de verschillende delen tezamen overgemaakt. De autoriteiten tot wiens bevoegdheid de inschrijving behoort nemen de overlegde delen van voornoemd kentekenbewijs in en bewaren deze gedurende tenminste zes maanden.

Zij stellen de autoriteiten van de lidstaat die het ingenomen kentekenbewijs hebben afgegeven binnen de twee maanden daarvan op de hoogte.

Zij sturen het ingenomen kentekenbewijs aan de genoemde autoriteiten terug indien deze daar binnen zes maanden na de inneming om verzoeken.

[Wanneer bij een tweedelig kentekenbewijs deel II ontbreekt, kan het voertuig enkel nog worden ingeschreven nadat de bevoegde autoriteiten van de lid-Staat van de Europese Unie waarin het voertuig voordien was ingeschreven per briefwisseling of via elektronische weg bevestigd hebben dat dit voertuig opnieuw in een andere lidstaat mag worden ingeschreven.] *

Art. 14.
De aanvrager moet steeds op het eerste verzoek aan de leidend ambtenaar of zijn gemachtigde de inlichtingen meedelen die deze noodzakelijk oordeelt om de ontvankelijkheid en de rechtmatigheid van de aanvraag vast te stellen, in het bijzonder voor wat betreft de in te schrijven voertuigen die vanuit een betrouwbare en administratief te verifiëren bron gesignaleerd zijn als gestolen, gesloopt of zodanig geaccidenteerd dat zij beschouwd worden als een totaal technisch verlies door de verzekeringsmaatschappij die het risico van de burgerrechtelijke aansprakelijkheid betreffende dit voertuig dekt.


Afdeling 3
Wijziging in de gegevens van de aanvraag.

Art. 15.

§ 1.
In geval van wijziging van de gegevens die hebben geleid tot de oorspronkelijke inschrijving en dezelfde houder beogen, is deze laatste verplicht binnen vijftien dagen nadat de wijziging zich heeft voorgedaan een nieuwe inschrijving aan te vragen met behoud evenwel van hetzelfde inschrijvingsnummer.

De door hem ingediende aanvraag tot wijziging wordt verder beschouwd als een gewone aanvraag tot inschrijving waarop eveneens de bepalingen van afdelingen 2 en 4 worden toegepast.

Als de houder overleden is, rust de meldingsplicht op zijn erfgenamen of legatarissen met dien verstande dat de termijn van vijftien dagen ingaat de dag waarop zij kennis krijgen van het feit dat aanleiding geeft tot de wijziging. Met het oog evenwel op een overdracht van kentekenplaat bedoeld in artikel 25, §1, tweede lid, bedraagt die termijn vier maanden.

§ 2.
De bepalingen van de vorige paragraaf zijn niet van toepassing op de adreswijziging van een natuurlijk persoon. De aanvrager vraagt zijn gemeentebestuur evenwel die adreswijziging op het kentekenbewijs aan te brengen, behalve indien hij houder is van een « CD »-kentekenplaat.

In dat geval laat hij de adreswijziging aanbrengen door de dienst van het Protocol van het de Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking.

Ze zijn evenmin van toepassing in het geval van verandering van maatschappij die het risico van burgerlijke aansprakelijkheid inzake motorvoertuigen verzekert.

Valid XHTML 1.0 Transitional